ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3300
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen ontslag wegens plichtsverzuim jegens stagiaire
Verzoeker, sinds 1981 werkzaam bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, kreeg in 2007 een stagiaire onder zijn hoede. Deze stagiaire beëindigde de samenwerking wegens ongewenst gedrag van verzoeker. Na een klacht en onderzoek werd de klacht gegrond verklaard en legde de minister verzoeker onvoorwaardelijk ontslag op wegens plichtsverzuim.
De voorzieningenrechter overwoog dat het gedrag van verzoeker niet beperkt bleef tot enkele incidenten, maar een patroon van ongepast contact met de stagiaire betrof, waaronder amoureuze gedichten, niet-zakelijke e-mails en ongewenste telefoontjes. Verzoeker was eerder gewaarschuwd over zijn gedrag jegens vrouwelijke medewerkers.
Het verzoek om een voorlopige voorziening om doorbetaling van salaris te verkrijgen werd afgewezen omdat het plichtsverzuim ernstig genoeg was om het ontslag niet onevenredig te achten. Het lange dienstverband bood geen reden voor een lichtere straf. De uitspraak bevestigt het belang van zorgvuldig en respectvol gedrag binnen ambtelijke relaties.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het onvoorwaardelijk ontslag wegens plichtsverzuim wordt afgewezen.