ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3869
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na beoordeling medische beperkingen
Appellante, werkzaam als caissière, kreeg sinds 1987 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. In 2006 werd haar uitkering ingetrokken na een herbeoordeling door een bezwaarverzekeringsarts die wijzigingen aanbracht in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
Appellante voerde aan dat haar klachten door fibromyalgie en depressies waren toegenomen en verzocht om deskundigenonderzoek. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand. In hoger beroep handhaafde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel.
De Raad vond onvoldoende aanknopingspunten dat de medische beperkingen onjuist waren vastgesteld. De bezwaarverzekeringsarts had appellante zelf onderzocht en beschikte over recente medische rapporten, waaronder van haar psychiater en huisarts. De Raad zag geen reden tot nader deskundigenonderzoek en oordeelde dat het Uwv de geschiktheid van functies voldoende had gemotiveerd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering omdat de medische beperkingen correct zijn vastgesteld.