ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5648
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks medische beperkingen en functiegeschiktheid
Appellant maakte bezwaar tegen de herziening van zijn WAO-uitkering door het UWV, waarbij zijn arbeidsongeschiktheid was verlaagd van 55-65% naar 15-25%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de medische beperkingen van appellant niet waren onderschat en dat hij de voorgestelde functies kon vervullen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij niet in staat was om duurzaam loonvormende arbeid te verrichten en dat er een urenbeperking had moeten worden aangenomen. Tevens betwistte hij de geschiktheid van de geduide functies.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en stelde vast dat appellant geen nieuwe medische onderbouwing had geleverd. De Raad vond de toelichting op de functie van parkeercontroleur, met name de uitleg over het trappenlopen, voldoende. Appellant kon het trappenhuis per monitor controleren en gebruik maken van de lift, waardoor zijn beperkingen niet tot overschrijding van de belastbaarheid leiden.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.