Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5713

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
30 juli 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08-3439 ANW
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 13 ANWArt. 13a ANWArt. 22 Verdrag inzake sociale zekerheid Nederland-MarokkoArt. 26 Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringenAlgemene Ouderdomswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging weigering nabestaandenuitkering wegens niet-verzekerd zijn echtgenoot

Appellante heeft een nabestaandenuitkering aangevraagd na het overlijden van haar echtgenoot, die een ouderdomspensioen ontving op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW). De Sociale verzekeringsbank (Svb) weigerde de uitkering omdat de echtgenoot op het moment van overlijden niet verzekerd was onder de Algemene Nabestaandenwet (ANW).

De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Raad stelde vast dat de echtgenoot woonde in Marokko en niet meer werkzaam was in Nederland, waardoor hij niet verzekerd was volgens artikel 13 van Pro de ANW. Tevens maakte hij geen gebruik van de mogelijkheid tot vrijwillige verzekering na 1 januari 2000.

Daarnaast werd vastgesteld dat appellante niet betwistte dat haar echtgenoot ook niet verzekerd was onder de Marokkaanse wetgeving. Hierdoor bestaat op grond van artikel 13a ANW in combinatie met artikel 22 van Pro het Verdrag inzake sociale zekerheid tussen Nederland en Marokko geen recht op een Nederlandse nabestaandenuitkering.

De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de eerdere uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de nabestaandenuitkering omdat de echtgenoot niet verzekerd was.

Uitspraak

08/3439 ANW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellante], wonende te Marokko (hierna: appellante),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 22 mei 2008, 06/5075 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellante
en
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb)
Datum uitspraak: 30 juli 2009
I. PROCESVERLOOP
Appellante heeft hoger beroep ingesteld.
De Svb heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 juni 2009. Appellante is niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door J.Y. van den Berg.
II. OVERWEGINGEN
1.1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.
1.2. De echtgenoot van appellante, [naam echtgenoot] (hierna: [echtgenoot]), is op 22 februari 2006 overleden. [echtgenoot] ontving op het moment van zijn overlijden een ouderdomspensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet (AOW). Appellante heeft vervolgens een uitkering op grond van de Algemene Nabestaandenwet (ANW) aangevraagd.
1.3. Bij besluit van 14 augustus 2006 heeft de Svb geweigerd appellante een nabestaandenuitkering toe te kennen op de grond dat [echtgenoot] op de datum van zijn overlijden niet verzekerd was en appellante eveneens op grond van internationale regelingen geen aanspraak heeft op een uitkering op grond van de ANW.
1.4. Bij besluit van 20 september 2006 heeft de Svb het bezwaar van appellante tegen het besluit van 14 augustus 2006 kennelijk ongegrond verklaard.
2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellante tegen het besluit van 20 september 2006 ongegrond verklaard.
3. Appellante heeft zich in hoger beroep tegen deze uitspraak gekeerd.
4. De Raad oordeelt als volgt.
4.1. Tussen partijen is in hoger beroep in geschil of de Svb terecht heeft geweigerd een nabestaandenuitkering aan appellante toe te kennen op de grond dat de echtgenoot van appellante ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was krachtens de ANW.
4.2. Ingevolge artikel 13 van Pro de ANW is verzekerd krachtens die wet degene die ingezetene is of die geen ingezetene is, doch ter zake van in Nederland in dienstbetrekking verrichte arbeid aan de loonbelasting is onderworpen. Nu de echtgenoot van appellante ten tijde van zijn overlijden in Marokko woonde en niet meer werkzaam was in Nederland, was hij toen op grond van deze bepaling niet verzekerd.
4.3. Personen zoals [echtgenoot] die tot 1 januari 2000 verplicht verzekerd waren krachtens de volksverzekeringen op grond van - het met ingang van die datum vervallen - artikel 26 van Pro het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen van 24 december 1998, zijn vervolgens in de gelegenheid gesteld zich vanaf 1 januari 2000 vrijwillig te verzekeren krachtens onder meer de ANW. [echtgenoot] heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
4.4. Voorts stelt de Raad vast dat door appellante niet is betwist dat haar echtgenoot ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was krachtens de Marokkaanse wetgeving, zodat ook op grond van artikel 13a van de ANW in combinatie met artikel 22 van Pro het Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko geen aanspraak op een Nederlandse nabestaandenuitkering bestaat.
4.5. Uit het vorenstaande volgt dat het hoger beroep niet slaagt, zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.
5. De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door H.J. de Mooij, in tegenwoordigheid van M.C.T.M. Sonderegger als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 30 juli 2009.
(get.) H.J. de Mooij.
(get.) M.C.T.M. Sonderegger.
Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de datum van verzending
beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden (Postbus 20303, 2500 EH ’s-Gravenhage) ter zake van schending of verkeerde toepassing van bepalingen inzake het begrip kring van verzekerden.
IJ