ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6377
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.M. van de Kerkhof
- A.A.H. Schifferstein
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na medische en arbeidsdeskundige beoordeling
Appellante, werkzaam als schoonmaakster, kreeg een WAO-uitkering wegens psychische klachten. Na een herbeoordeling in 2005 werd haar uitkering ingetrokken, waarna zij bezwaar maakte. Diverse medische en arbeidsdeskundige rapporten werden opgesteld, waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld tussen 45% en 65%.
De rechtbank vernietigde een besluit vanwege een ontoereikende medische motivering, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat het UWV de medische grondslag later voldoende onderbouwde. Appellante stelde dat zij volledig arbeidsongeschikt was en dat de functies ongeschikt waren, en vorderde schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De Raad volgde de onafhankelijke deskundige en de bezwaarverzekeringsarts die geen verschil van mening hadden over de medische beperkingen. De Raad vond dat de functies geschikt waren en dat de medische grondslag juist was. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen omdat de totale procedure binnen vier jaar bleef.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en wijst het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af.