ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6565
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag periodieke uitkering op grond van Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 wegens geboorte na 15 augustus 1945
Appellante, geboren in 1948, vroeg in mei 2007 een periodieke uitkering aan op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. Zij stelde dat haar vader als KNIL-militair krijgsgevangenschap had ondergaan. Verweerster wees de aanvraag af omdat appellante na 15 augustus 1945 is geboren en dus geen vervolging in de zin van de Wet kan hebben ondergaan. Tevens werd niet onderzocht of zij met de vervolgde gelijkgesteld kon worden, omdat sinds de wetswijziging van 7 juli 1994 personen van de naoorlogse generatie niet meer tot de Wet kunnen worden toegelaten.
De Raad bevestigde dat appellante geen vervolging heeft ondergaan en dat de weigering om haar met de vervolgde gelijk te stellen terecht was. De loyale houding van haar vader aan de Nederlandse regering deed hieraan niets af. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
De uitspraak werd gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 27 augustus 2009, waarbij de Raad het bestreden besluit in stand hield en het beroep afwees.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor een periodieke uitkering wordt afgewezen.