ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6589
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning burger-oorlogsslachtoffer wegens onvoldoende bewijs internering Nederlands-Indië
Appellante, geboren in 1940 in het voormalige Nederlands-Indië, verzocht om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer op grond van gezondheidsklachten die zij toeschrijft aan haar internering in een vrouwenkamp tijdens de Japanse bezetting. Verweerster wees de aanvraag af wegens onvoldoende bewijs van oorlogsgeweld.
De Raad onderzocht zorgvuldig de beschikbare gegevens en kon geen bevestiging vinden van de door appellante genoemde internering. Getuigen waren overleden en ook dossiers van familieleden boden geen aanwijzingen. Algemene oorlogsomstandigheden zoals ontwrichting van het gezinsleven en armoede zijn volgens vaste rechtspraak geen grond voor erkenning.
De Raad concludeert dat de omstandigheden niet voldoen aan de wettelijke criteria voor erkenning als burger-oorlogsslachtoffer. Het bestreden besluit wordt daarom in stand gelaten en het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.