ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6706
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening studiefinanciering naar thuiswonende studerende
Appellante woonde in een appartement van haar ouders en kreeg studiefinanciering toegekend naar de norm voor een uitwonende studerende. De IB-Groep herzag dit en kwalificeerde haar als thuiswonend, waardoor het teveel ontvangen bedrag van €647,84 werd omgezet in een kortlopende schuld.
Appellante maakte bezwaar en stelde dat zij ten onrechte als thuiswonend werd aangemerkt, omdat haar vader tijdelijk bij haar woonde. De rechtbank wees haar beroep af en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelde dat de wettelijke definitie van thuiswonend studerende in artikel 1.1 Wsf 2000 geen ruimte biedt voor een hiërarchische woonverhouding en dat het adres in de gemeentelijke basisadministratie bepalend is.
De Raad verwierp ook het beroep op de hardheidsclausule, omdat de terugvordering appellante niet in een onmogelijke financiële positie brengt gezien de mogelijkheid tot het aanvragen van een lening. Tevens stelde de Raad dat de IB-Groep terecht gebruik heeft gemaakt van haar herzieningsbevoegdheid zonder dat het voor appellante duidelijk had moeten zijn dat de toekenning onjuist was.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de eerdere uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep van appellante af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante als thuiswonende studerende moet worden aangemerkt en wijst het beroep af.