ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6847
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking recht op ziekengeld ondanks medische beperkingen en overgewicht
Appellante, werkzaam als schoonmaakster, ontving sinds 2002 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Deze uitkering werd in januari 2006 ingetrokken en sindsdien ontving zij een werkloosheidsuitkering. In september 2006 meldde zij zich ziek vanwege linkerschouder-, rug- en schildklierklachten. Het UWV besloot in januari 2007 dat zij geen recht meer had op ziekengeld, een besluit dat bij bezwaar en beroep werd bevestigd.
De rechtbank en vervolgens de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat het UWV voldoende rekening had gehouden met alle medische beperkingen van appellante, waaronder de gevolgen van haar overgewicht. Het door appellante overgelegde huisartsjournaal bracht geen nieuwe feiten aan het licht. De bezwaarverzekeringsarts had reeds in mei 2007 vastgesteld dat overgewicht aanwezig was en dit was meegenomen in de beoordeling van haar belastbaarheid.
De Raad vond geen aanleiding om het besluit te vernietigen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 2 september 2009 door rechter Ch. van Voorst.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt afgewezen en het besluit het recht op ziekengeld te beëindigen wordt bevestigd.