ECLI:NL:CRVB:2009:BJ7328
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep wijst verzoek proceskostenvergoeding en wettelijke rente toe na intrekking hoger beroep
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV, maar dit beroep later ingetrokken nadat het UWV op 20 mei 2009 een nieuwe beslissing op bezwaar had genomen die geheel tegemoet kwam aan haar bezwaren.
De Raad heeft vervolgens op verzoek van appellante het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante, begroot op €644,-, en tot betaling van wettelijke rente over de na te betalen uitkering. Het verzoek om immateriële schadevergoeding werd afgewezen omdat geen sprake was van schending van de redelijke termijn.
De Raad benadrukt dat de kosten van eerdere procedures die niet binnen de omvang van dit hoger beroep vallen, niet voor vergoeding in aanmerking komen. Ook wijst de Raad erop dat appellante zich voor vergoeding van het betaalde griffierecht tot het UWV kan wenden.
De uitspraak is gedaan door H. Bolt en uitgesproken op 9 september 2009.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten van €644,-, het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.