ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8442
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende medische beperkingen
Appellante, voormalig champignonplukster, meldde zich ziek wegens rugklachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde op basis van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek vast dat zij in staat was meer dan 65% van het maatmaninkomen te verdienen, en weigerde de uitkering.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit omdat het UWV ten onrechte de maatman op 38 uur had gesteld in plaats van 40 uur, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat de herberekening geen hogere mate van arbeidsongeschiktheid opleverde. In hoger beroep voerde appellante aan dat haar medische beperkingen waren onderschat en verwees zij naar een advies voor psychiatrisch onderzoek.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat de medische beperkingen niet zijn onderschat. Appellante bracht geen nieuwe objectieve medische gegevens in die twijfel wekten over de vastgestelde beperkingen. De Raad acht de aan appellante geduide functies medisch geschikt en bevestigt de aangevallen uitspraak, waarmee het hoger beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.