ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8988
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering op basis van medische en arbeidskundige beoordeling
Appellante, voormalig officemanager, kreeg een herziening van haar WAO-uitkering na een vijfdejaarsherbeoordeling waarbij haar arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld op 15 tot 25%. Na bezwaar en aanvullend medisch onderzoek werd dit percentage verhoogd naar 35 tot 45% per 10 juli 2005.
In hoger beroep stelde appellante dat zij door haar psychische en lichamelijke klachten en medicijngebruik meer beperkt was dan vastgesteld. De Raad concludeerde echter dat appellante geen nieuwe objectieve medische gegevens had ingebracht die twijfel konden zaaien over de juistheid van de functionele mogelijkhedenlijst (FML) van 6 april 2005.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het UWV-besluit gebaseerd is op een deugdelijke medische en arbeidskundige grondslag. De bezwaarverzekeringsarts had alle relevante medische feiten meegewogen en geconstateerd dat er geen reden was voor een urenbeperking. Ook de passendheid van de aan appellante toegedachte functies werd als voldoende onderbouwd beoordeeld.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.