ECLI:NL:CRVB:2009:BJ9425
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.F. Bandringa
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen wijziging aflossingsbedrag bijstand
Appellant ontving bijstand en had een aflossingsverplichting op zijn WAO-uitkering. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft verhoogde het maandelijkse aflossingsbedrag na onderzoek van zijn financiële situatie. Appellant diende een bezwaarschrift in tegen deze verhoging, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat hij in verwarring was geraakt door de communicatie van twee verschillende instanties en dat hij daardoor te laat was met het indienen van bezwaar. De Raad oordeelde dat de brief van het College een besluit bevatte waarop een bezwaartermijn van toepassing was die op 11 oktober 2007 afliep.
De Raad vond geen bijzondere omstandigheden die de termijnoverschrijding konden rechtvaardigen, mede omdat appellant alleen contact had gezocht met het UWV en niet met de gemeente. Daarom werd het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift bevestigd.