ECLI:NL:CRVB:2009:BJ9940
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldig onderzoek beperkingen en functies
Appellante ging in hoger beroep tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering per 15 april 2007 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. De rechtbank had het besluit vernietigd maar de rechtsgevolgen in stand gelaten. Appellante stelde dat haar belastbaarheid onjuist was vastgesteld en dat zij niet in staat was de geduide functies te vervullen, mede vanwege volledige bedlegerigheid door duizeligheidsklachten na een ooroperatie.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd. Alle relevante medische informatie was meegewogen en de beperkingen waren juist vastgesteld volgens de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). De Raad vond onvoldoende bewijs dat de oorklachten al op jeugdige leeftijd bestonden of dat deze tot meer beperkingen leidden dan vastgesteld.
De Raad concludeerde dat de geduide functies passend waren voor appellante en bevestigde de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten. Er werden geen gronden gevonden voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 9 oktober 2009 door A.T. de Kwaasteniet.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd na zorgvuldig onderzoek van beperkingen en geschiktheid voor functies.