ECLI:NL:CRVB:2009:BK0476
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening intrekking WAO-uitkering wegens niet-verzekerd zijn
Appellante was van 1977 tot 1981 werkzaam in Nederland en viel in 1979 wegens ziekte uit. Na een periode van ziekengeld werd haar een WAO-uitkering toegekend, die in 1982 werd ingetrokken omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg. Zij vertrok in 1983 naar Turkije en was daarna niet meer verzekerd voor de WAO.
Appellante verzocht in 1992 en 1993 om herziening van het intrekkingsbesluit, wat werd afgewezen. Ook de rechtbank verklaarde haar beroepen ongegrond. In 2005 vroeg zij opnieuw een WAO-uitkering aan, stellende dat haar arbeidsongeschiktheid op 15 september 1992 was ontstaan. Het UWV oordeelde dat zij toen niet verzekerd was en wees de aanvraag af.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraken en oordeelt dat appellante geen recht heeft op een WAO-uitkering omdat zij op het moment van arbeidsongeschiktheid niet verzekerd was. Er is geen sprake van arbeidsongeschiktheid die binnen de verzekeringsperiode is ontstaan. Het hoger beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van herziening van de WAO-uitkering wordt bevestigd.