ECLI:NL:CRVB:2009:BK0554
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens afgenomen arbeidsongeschiktheid
Appellante ontving sinds 1995 een WAO-uitkering wegens psychische klachten met een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Het UWV trok deze uitkering per 29 juni 2006 in, omdat appellante volgens hen weer in staat was om passend werk te verrichten met een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze intrekking ongegrond, waarbij zij zich kon verenigen met de medische en arbeidskundige beoordeling van het UWV. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij geen duurzaam benutbare mogelijkheden heeft om te werken, onderbouwd met een rapport van de ISD.
De Raad oordeelt dat het ISD-rapport beperkte waarde heeft omdat het dateert van na de relevante datum 29 juni 2006. Het onderzoek van de verzekeringsarts en arbeidskundige vond kort voor deze datum plaats en was gebaseerd op recente huisartsinformatie. De beperkingen van appellante zijn adequaat in kaart gebracht en er is geen reden om de aan haar toegewezen functies te zwaar te achten.
Daarom bevestigt de Raad de intrekking van de WAO-uitkering en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 29 juni 2006 wordt bevestigd.