ECLI:NL:CRVB:2009:BK1259
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij ontslag wegens wangedrag binnen de Koninklijke Marechaussee
Betrokkene was beroepsmilitair bij de Koninklijke Marechaussee en werd ontslagen wegens wangedrag, waaronder het tegen de wil van een vrouwelijke collega knijpen in haar borsten tijdens een barbecue in 2008. De rechtbank had dit ontslag vernietigd en betrokkene het recht gegeven zijn opleiding voort te zetten.
De staatssecretaris van Defensie stelde hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen. De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het ontslag wegens wangedrag terecht was, mede gelet op de ernst van het gedrag en het belang van een veilige werkomgeving binnen de KMar.
Hoewel binnen de groep een cultuur bestond waarin handtastelijkheden en seksueel getinte opmerkingen voorkwamen, vond de voorzieningenrechter dat dit geen reden was voor een lichtere straf. Het gedrag van betrokkene overschreed een absolute grens. De voorlopige voorziening van de staatssecretaris werd toegewezen, de aanvraag van betrokkene afgewezen.
De uitspraak benadrukt het belang van een veilige en professionele werkomgeving binnen Defensie en bevestigt dat ernstig seksueel grensoverschrijdend gedrag kan leiden tot ontslag, ook als er binnen de groep een informele cultuur van dergelijk gedrag bestaat.
Uitkomst: De voorlopige voorziening van de staatssecretaris wordt toegewezen en de uitspraak van de rechtbank geschorst totdat op het hoger beroep is beslist.