ECLI:NL:CRVB:2009:BK1717
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid bevestigd
Appellante, die sinds 1988 een WAO-uitkering ontving vanwege nekklachten na een verkeersongeval, werd door het UWV per 25 december 2006 van haar uitkering beëindigd omdat haar arbeidsongeschiktheid was gedaald tot minder dan 15%. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze beslissing ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante dat haar beperkingen waren onderschat en dat nader medisch onderzoek door een neuroloog en psychiater had moeten plaatsvinden. Ook stelde zij dat de functies waarop haar arbeidsvermogen was gebaseerd niet geschikt waren en dat het arbeidskundige rapport tegenstrijdigheden bevatte.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het onderzoek door de bezwaarverzekeringsarts volledig en zorgvuldig was uitgevoerd. De medisch onderbouwing was consistent en voldoende, en de informatie van behandelende artsen gaf geen aanleiding tot twijfel. De verwijzing van appellante naar psychiatrische behandeling na de beoordelingsdatum deed hieraan niets af. Ook de bezwaararbeidsdeskundige had voldoende toegelicht dat de belastbaarheid van de functies niet werd overschreden. De vermeende fout in het gebruikte indexcijfer was minimaal en leidde niet tot een relevant verschil in de mate van arbeidsongeschiktheid.
Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.