ECLI:NL:CRVB:2009:BK2096
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WGA-uitkering bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV waarin werd vastgesteld dat hij recht heeft op een WGA-uitkering van 70% van zijn WIA-maandloon, omdat hij meer dan 35% maar minder dan 80% arbeidsongeschikt is. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en ook in hoger beroep wordt dit oordeel bevestigd.
De Raad overweegt dat het medische onderzoek door de verzekeringsarts zorgvuldig is verricht. De arts heeft onder meer informatie van de huisarts en behandelend psychiater meegenomen en zelf een onderzoek verricht. Hierbij zijn forse functionele beperkingen vastgesteld, onder andere op het gebied van concentratie, geheugen, sociale functies en arbeidsduur (circa 20 uur per week). Appellant heeft geen medische stukken overgelegd die de ernst van zijn beperkingen verder onderbouwen.
Ook de bezwaarverzekeringsarts heeft het dossier bestudeerd en geen aanwijzingen gevonden voor een ernstiger situatie. De Raad ziet dan ook geen aanleiding voor een nader onderzoek. Daarnaast acht de Raad de voorgestelde functies medisch geschikt voor appellant. Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit dat appellant recht heeft op een WGA-uitkering van 70% wegens gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.