ECLI:NL:CRVB:2009:BK4247
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering bijdrage aanschaf eigen auto wegens onvoldoende medisch onderzoek
Appellant verzocht het College om een bijdrage van € 500 voor de aanschaf van een eigen auto op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg). Het College wees dit verzoek af omdat er geen medische noodzaak was vastgesteld, gebaseerd op een oud rapport van Argonaut uit 2003. Appellant overlegde een verklaring van een revalidatiearts waarin zijn therapieresistente claustrofobie werd beschreven, maar het College vroeg geen aanvullend medisch advies.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de verordening voorzieningen gehandicapten (Vvg) geen grondslag biedt voor een financiële tegemoetkoming in de aanschafkosten van een eigen auto. In hoger beroep betoogde appellant dat hij afhankelijk is van een auto en dat de verordening wel ruimte biedt voor de gevraagde voorziening.
De Raad oordeelde dat het College het besluit onvoldoende zorgvuldig had voorbereid en onvoldoende medisch onderzoek had verricht, waardoor het besluit vernietigd moest worden. Echter, vanwege het limitatieve karakter van artikel 3.1 van de Vvg en het ontbreken van zeer bijzondere omstandigheden, kon de Raad de rechtsgevolgen van het besluit in stand laten.
De Raad veroordeelde het College tot vergoeding van de proceskosten van appellant en bepaalde dat het College het betaalde griffierecht moest vergoeden.
Uitkomst: Het besluit van het College wordt vernietigd wegens onvoldoende medisch onderzoek, maar de rechtsgevolgen blijven in stand vanwege het limitatieve karakter van de verordening.