ECLI:NL:CRVB:2009:BK4752
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering heropening Wajong-uitkering wegens ontbreken toename beperkingen
Appellant, die een Wajong-uitkering ontving vanwege een cluster B-persoonlijkheidsstoornis, werd geconfronteerd met intrekking van zijn uitkering na een fraudeonderzoek waarbij bleek dat hij werkzaamheden en inkomsten had verzwegen. Het UWV trok de uitkering met terugwerkende kracht in en weigerde later de uitkering te heropenen nadat appellant zich meldde met vermeende toegenomen arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen de weigering van heropening ongegrond, omdat geen toename van medische beperkingen was vastgesteld en daardoor een arbeidskundige beoordeling achterwege kon blijven. In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar leverde geen medische onderbouwing voor een verslechterde gezondheidstoestand.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat het UWV terecht had vastgesteld dat er geen sprake was van een toename van psychiatrische klachten binnen vijf jaar na intrekking van de uitkering. Hierdoor was het niet nodig om een arbeidskundige beoordeling te verrichten. De Raad wees tevens de bezwaren tegen het fraudeonderzoek buiten beschouwing en zag geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om de Wajong-uitkering te heropenen wegens het ontbreken van een toename van beperkingen.