ECLI:NL:CRVB:2009:BK4815
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant ontving een WAO-uitkering wegens rugklachten met een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Het UWV herzag deze uitkering naar 35 tot 45% arbeidsongeschiktheid per 31 januari 2007. Appellant maakte bezwaar tegen deze herziening, maar dit werd ongegrond verklaard door het UWV. De rechtbank benoemde een onafhankelijke deskundige, revalidatiearts Emmelot, die appellant onderzocht en concludeerde dat niet alle beperkingen direct aan ziekte of gebrek te wijten waren, maar dat appellant wel geschikt was voor bepaalde functies.
Appellant stelde dat een aanvullend neurologisch onderzoek noodzakelijk was en dat zijn beperkingen mogelijk werden onderschat. De Raad volgde echter het oordeel van Emmelot, die gemotiveerd had afgezien van aanvullend onderzoek, gesteund door een eerdere rapportage van neuroloog De Ruiter. Er waren geen medische gegevens die wezen op onderschatting van neurologische beperkingen.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank en het UWV, oordeelde dat het hoger beroep niet slaagt en wees proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door G. van der Wiel, in aanwezigheid van griffier A.C.A. Wit.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het hoger beroep van appellant wordt afgewezen.