ECLI:NL:CRVB:2009:BK4965
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens vervallen belang bij WAO-uitkering
Appellante had bezwaar gemaakt tegen een verlaging van haar WAO-uitkering. Na eerdere uitspraken heeft het UWV op 8 oktober 2009 een besluit genomen waarbij de verlaging van de uitkering werd herroepen en appellante weer in de hoogste arbeidsongeschiktheidsklasse werd ingedeeld.
Hierdoor was het belang van appellante bij het hoger beroep komen te vervallen. De Centrale Raad van Beroep verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk. Hoewel appellante het niet eens was met de Functionele Mogelijkhedenlijst, kon zij met het beroep geen verdere verhoging van haar uitkering bereiken.
De Raad wees een proceskostenvergoeding af omdat het procesbelang al was vervallen en kende alleen een vergoeding toe voor de door appellante gemaakte reiskosten. Daarnaast werd het door appellante betaalde griffierecht door het UWV vergoed. Kosten voor vertegenwoordigers en deskundigen werden niet vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het UWV het beroep van appellante volledig heeft ingewilligd.