ECLI:NL:CRVB:2009:BK5016
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, stellende dat de medische informatie voldoende was om de beperkingen van appellant vast te stellen.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) geen juiste weerslag geeft van zijn beperkingen, met name vanwege een verstoorde agressieregulatie. De Raad heeft echter geoordeeld dat deze claim niet wordt bevestigd door de beschikbare medische stukken.
De Raad heeft de rapportages van de bezwaararbeidsdeskundige en de bezwaarverzekeringsarts betrokken en vastgesteld dat appellant in staat wordt geacht de voorgestelde functies te vervullen. Er zijn geen nieuwe medische gegevens die het eerdere oordeel ondermijnen.
Daarom bevestigt de Centrale Raad van Beroep het eerdere besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank, waarmee het beroep van appellant wordt afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.