ECLI:NL:CRVB:2009:BK5023
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij geschil over redactionele formulering eigen bijdrage
Appellante verbleef van 30 september 2006 tot en met 7 oktober 2006 in een zorginstelling en werd bij besluit van 15 november 2006 meegedeeld dat zij een eigen bijdrage van €706 per maand verschuldigd was. OHRA verklaarde het bezwaar van appellante tegen dit besluit ongegrond en stelde dat de eigen bijdrage pro rato voor de verblijfsperiode was berekend en verschuldigd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. Appellante ging in hoger beroep omdat zij zich niet kon verenigen met de formulering in het primaire besluit waarin de eigen bijdrage per maand werd vermeld zonder specificatie van de periode. Zij wilde dat de formulieren redactioneel werden aangepast om onduidelijkheden voor anderen te voorkomen.
De Raad oordeelde dat appellante geen concreet procesbelang had, omdat zij het daadwerkelijk verschuldigde bedrag had betaald en er geen geschil over de hoogte bestond. De wens tot redactionele wijziging kon niet leiden tot een gunstiger resultaat voor appellante. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.
De Raad zag geen aanleiding om appellante in de proceskosten te veroordelen. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Venema op 1 december 2009.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een concreet procesbelang.