ECLI:NL:CRVB:2009:BK6850
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in ambtenarenzaak over herplaatsing en salarisbetaling
Betrokkene was werkzaam als inrichtingsarts en werd herplaatsingskandidaat na sluiting van een inrichting. De Minister van Justitie stelde betrokkene een passende functie voor, die betrokkene weigerde. Hierop werd het salaris stopgezet en later ontslag verleend. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde de besluiten, waarna de Minister hoger beroep instelde en een voorlopige voorziening verzocht.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek om voorlopige voorziening onvoldoende spoedeisend belang had. De mogelijke financiële gevolgen voor de organisatie waren niet onoverkomelijk en het salaris kon worden teruggevorderd als het hoger beroep slaagt. Ook het risico dat betrokkene herplaatst moet worden en mogelijk ontslag krijgt, behoort tot het normale risico van een bestuursorgaan.
Daarom werd het verzoek om schorsing van de uitspraak afgewezen en werd de Minister veroordeeld in de proceskosten van betrokkene. De uitspraak benadrukt het belang van het doorlopen van de bodemprocedure zonder schorsende werking van hoger beroep in bestuursrechtelijke ambtenarenzaken.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de Minister wordt veroordeeld in de proceskosten.