ECLI:NL:CRVB:2009:BK7102
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking WAO-uitkering wegens onjuiste medische beoordeling
Betrokkene was sinds 1992 arbeidsongeschikt en ontving een WAO-uitkering. In 2005 trok het UWV deze uitkering in na een medisch en arbeidskundig onderzoek, waarbij werd geoordeeld dat betrokkene minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Betrokkene maakte bezwaar en kreeg in eerste aanleg gelijk van de rechtbank, die het besluit vernietigde vanwege een gebrek in het medische onderzoek.
Het UWV ging in hoger beroep en voerde aan dat het gebrek was hersteld door aanvullend onderzoek en een deskundigenrapport. De Raad constateerde echter dat de rechtbank de grenzen van het geschil had overschreden omdat in eerste aanleg geen gronden waren aangevoerd tegen het primaire medische onderzoek.
Deskundig onderzoek door psychiater Van Weers toonde aan dat betrokkene wel degelijk psychiatrische beperkingen heeft die het UWV had onderschat. De Raad volgt dit oordeel en bepaalt dat het UWV een nieuwe beoordeling moet maken op basis van de functionele mogelijkhedenlijst (FML), waarbij de functie chauffeur-besteller als niet passend wordt aangemerkt.
De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene in hoger beroep. Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.