ECLI:NL:CRVB:2009:BK8141
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over WAZ-uitkering en redelijke termijn
Appellante vorderde een WAZ-uitkering en stelde dat de behandeling van haar bezwaar en beroep onredelijk lang duurde, waardoor zij immateriële schadevergoeding en wettelijke rente eiste.
De rechtbank had haar verzoek om immateriële schadevergoeding afgewezen omdat de redelijke termijn niet was overschreden. De Raad bevestigt dit oordeel, gelet op jurisprudentie en de duur van bezwaar- en beroepsprocedures, die binnen redelijke termijnen vielen.
Wel verklaart de Raad het beroep gegrond voor zover het is gericht tegen het besluit van 21 februari 2008 en vernietigt dit besluit, omdat UWV dit niet langer ondersteunt. Tevens veroordeelt de Raad UWV tot vergoeding van schade wegens vertraagde uitbetaling van de uitkering.
De Raad besluit het onderzoek te heropenen voor een nadere uitspraak over schadevergoeding wegens mogelijke overschrijding van de redelijke termijn en wijst de Staat der Nederlanden aan als partij in deze procedure.
Daarnaast veroordeelt de Raad UWV in de proceskosten en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt deels gegrond verklaard, het besluit van 21 februari 2008 wordt vernietigd en het UWV wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.