ECLI:NL:CRVB:2009:BK8229
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering bij inkomsten uit arbeid zonder verliescompensatie
Appellante, die wegens psychische klachten arbeidsongeschikt was verklaard en een WAO-uitkering ontving, startte in 2004 een onderneming. Het UWV herzag haar uitkering en stelde op grond van artikel 44 WAO Pro vast dat haar inkomsten uit die onderneming een lagere mate van arbeidsongeschiktheid rechtvaardigden, waardoor haar uitkering werd aangepast.
Appellante voerde aan dat haar inkomsten niet tot korting mochten leiden vanwege een vermeende toezegging van een arbeidsdeskundige dat zij met behoud van uitkering administratieve werkzaamheden mocht verrichten. Ook stelde zij dat de fiscale verliescompensatie over 2006 in aanmerking genomen moest worden bij de vaststelling van haar inkomen in 2004.
De Raad oordeelde dat appellante geen aannemelijk bewijs leverde voor de toezegging en dat het UWV terecht haar inkomsten als inkomsten uit arbeid heeft aangemerkt. De fiscale verliescompensatie is volgens de Raad niet toepasbaar bij de bepaling van de inkomsten uit arbeid voor de WAO, omdat artikel 44 WAO Pro geen compensatiemechanisme bevat.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Maastricht bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.