ECLI:NL:CRVB:2009:BK8413
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onbevoegdverklaring rechtbank inzake voorschot op AOW-uitkering vóór 65-jarige leeftijd
Appellant vroeg bij de Sociale verzekeringsbank (Svb) een voorschot op zijn AOW-uitkering aan, omdat hij ziek is en voor zijn gezin moet zorgen. De Svb verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het bezwaar niet gericht was tegen een besluit, maar tegen de voorwaarden voor AOW-uitkering.
De rechtbank verklaarde zich onbevoegd om het beroep te behandelen, omdat de brief van appellant niet als een bezwaarschrift kon worden aangemerkt. De Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Appellant was niet aanwezig bij de zitting van de Raad, terwijl de Svb werd vertegenwoordigd. De Raad stelde vast dat de Svb alsnog een besluit had genomen op het verzoek van appellant. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak benadrukt de wettelijke vereisten voor bezwaar en beroep op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en bevestigt dat het verzoek van appellant niet voldeed aan deze vereisten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de onbevoegdverklaring van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.