ECLI:NL:CRVB:2010:BK8881
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant, die sinds 1992 wegens psychische klachten volledig arbeidsongeschikt was verklaard en een WAO-uitkering ontving, werd geconfronteerd met een besluit tot intrekking van deze uitkering per 23 mei 2007. Na bezwaar handhaafde het UWV dit besluit, waarna appellant in beroep ging bij de rechtbank Haarlem. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig en volledig was uitgevoerd, mede doordat een bezwaarverzekeringsarts een psychiater had geraadpleegd die appellant onderzocht.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het onderzoek niet volledig was, met name vanwege het niet onderzoeken van zijn persoonlijkheidsproblematiek en het verschil in GAF-scores tussen de psychiaters. De bezwaarverzekeringsarts stelde echter dat de verhoogde stressgevoeligheid geen uitsluiting van arbeidsgeschiktheid betekent en dat de verschillen in scores verklaarbaar zijn door de omstandigheden en tijdstippen van onderzoek.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en concludeerde dat het UWV aan zijn zorgvuldigheidsplicht had voldaan door appellant door een deskundige te laten onderzoeken. De bevindingen van de psychiaters waren in hoofdzaak overeenstemmend, en er waren geen aanwijzingen dat de functies waarop de schatting was gebaseerd ongeschikt waren voor appellant.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af, waarmee het beroep van appellant ongegrond werd verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek.