ECLI:NL:CRVB:2010:BK9267
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAZ-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als zelfstandige in een auto-cleaning bedrijf, vroeg in januari 2006 een WAZ-uitkering aan wegens spier- en gewrichtsklachten met een eerste arbeidsongeschiktheidsdag vastgesteld op 10 december 2002. Het UWV weigerde de uitkering omdat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt werd geacht.
De rechtbank vernietigde het bezwaarbesluit van het UWV wegens onvoldoende motivering over de geschiktheid van functies, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. In hoger beroep stelde appellant dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan naar zijn medische beperkingen en dat zijn klachten al voor 2002 waren begonnen. Het UWV handhaafde haar standpunt, ondersteund door rapporten van een bezwaarverzekeringsarts en een bezwaararbeidsdeskundige.
De Raad stelde vast dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen en belastbaarheid van appellant juist waren vastgesteld conform de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). De Raad vond geen aanleiding om het standpunt van het UWV te wijzigen en bevestigde dat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt is en dat de geselecteerde functies medisch geschikt zijn.
Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank Almelo van 31 oktober 2007 werd bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAZ-uitkering omdat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt is.