ECLI:NL:CRVB:2010:BL0086
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor eigen werk als cad-tekenaar
Appellant was tot maart 2006 voltijds cad-tekenaar en ontving daarna een WW-uitkering. Vanaf september 2006 meldde hij zich ziek wegens rugklachten en kreeg een Ziektewetuitkering. Een verzekeringsarts concludeerde in augustus 2007 dat appellant beperkingen heeft voor rugbelastende arbeid, maar geschikt is voor zijn eigen werk als cad-tekenaar, mits het autorijden beperkt blijft tot 20 minuten met pauzes.
Appellant werd per 13 augustus 2007 geïnformeerd dat hij geen recht meer had op Ziektewetuitkering. Hij maakte bezwaar, dat door het UWV ongegrond werd verklaard. De rechtbank bevestigde dit oordeel en stelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en appellant zijn werk kon verrichten, ook het woon-werkverkeer.
In hoger beroep erkende appellant zijn geschiktheid voor het werk, maar stelde dat de verzekeringsarts onduidelijkheid had gecreëerd over het woon-werkverkeer. De Raad oordeelde dat de beoordeling zorgvuldig was en dat de woon-werkafstand, ook met openbaar vervoer, passend was. De Raad bevestigde het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant geen recht meer heeft op Ziektewetuitkering omdat hij geschikt is voor zijn eigen werk als cad-tekenaar, inclusief woon-werkverkeer.