ECLI:NL:CRVB:2010:BL1652
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- K. Zeilemaker
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag mobiliteitstoeslag wegens salarisverhoging na functiewisseling
Appellant was werkzaam bij de Belastingdienst als behandelfunctionaris in groepsfunctie E en werd per 1 november 2006 benoemd in groepsfunctie F, na het succesvol afronden van een interne opleiding. De staatssecretaris verhoogde het salaris van appellant met ingang van 1 april 2008, de maand volgend op de afronding van de opleiding.
Appellant verzocht om een mobiliteitstoeslag op grond van artikel 22c van het BBRA, maar dit werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat niet voldaan was aan het dienstbelangvereiste. In hoger beroep oordeelt de Raad dat het dienstbelang wel aanwezig was, aangezien de plaatsing een vacante functie vervulde.
De Raad stelt echter vast dat artikel 22c BBRA geen aanspraak op mobiliteitstoeslag geeft indien de salarisverhoging samenvalt met de functiewisseling. Omdat appellant vanaf het moment dat hij de werkzaamheden in groepsfunctie F volledig verrichtte een salarisverhoging ontving, is geen recht op mobiliteitstoeslag. De eerdere toekenning van mobiliteitstoeslag bij andere functiewisselingen doet hieraan niet af.
De Raad bevestigt de aangevallen uitspraak en wijst het beroep af. Tevens wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De aanvraag van appellant voor mobiliteitstoeslag wordt afgewezen omdat hij een salarisverhoging ontving vanaf het moment dat hij de nieuwe functie volledig ging vervullen.