ECLI:NL:CRVB:2010:BL2013
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking WAO-uitkering wegens onjuiste medische beoordeling
Appellante, medewerkster catering, viel uit wegens psychische klachten en kreeg een WAO-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Het Uwv herbeoordeelde haar situatie en stelde op basis van een aangepaste Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) een lagere mate van arbeidsongeschiktheid vast (15-25%), waarna haar uitkering werd ingetrokken.
Appellante voerde aan dat haar beperkingen, vooral op het gebied van sociaal functioneren en doelmatig handelen, onvoldoende waren meegenomen. Diverse rapporten van psychiaters en psychologen bevestigden dat zij door een borderline persoonlijkheidsstoornis ernstige beperkingen heeft, met name bij impulscontrole en emotionele regulatie. De bezwaarverzekeringsarts had echter geen rekening gehouden met beperkingen in doelmatig handelen.
De Raad oordeelde dat het Uwv onjuist heeft gehandeld door deze beperkingen niet mee te nemen. De aangepaste FML was niet volledig in overeenstemming met de medische situatie van appellante. Daarom vernietigde de Raad het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering en veroordeelde het Uwv tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het Uwv moet een nieuwe beslissing nemen.