ECLI:NL:CRVB:2010:BL3510
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking WAO-uitkering na herbeoordeling belastbaarheid
Appellante ontvangt sinds 2004 een WAO-uitkering die in 2007 is herbeoordeeld. Op basis van medisch en arbeidskundig onderzoek concludeerde het UWV dat appellante in staat is passende arbeid te verrichten met minder dan 15% verlies aan verdiencapaciteit, waarop de WAO-uitkering werd ingetrokken. De rechtbank vernietigde dit besluit vanwege een ondeugdelijke arbeidskundige grondslag, waarna het UWV een nieuw besluit nam met nadere motivering.
In hoger beroep betwist appellante de medische grondslag en stelt dat haar belastbaarheid in de geduide functies wordt overschreden. De Raad onderschrijft de zorgvuldige medische beoordeling, wijst de door appellante aangevoerde brieven van huisarts en reumatoloog af als onvoldoende bewijs voor zwaardere beperkingen en bevestigt de motivering van het UWV.
Ook de arbeidskundige bezwaren van appellante worden verworpen, aangezien de bezwaararbeidsdeskundige voldoende toelichting gaf dat de belastbaarheid niet zodanig wordt overschreden dat de functies ongeschikt zijn. De Raad verklaart het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond en bevestigt het eerdere oordeel over de medische grondslag.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard.