ECLI:NL:CRVB:2010:BL4588
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens voldoende belastbaarheid ondanks ziekte van Crohn
Appellante, voormalig leerling verpleegkundige, ontving een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid door de ziekte van Crohn. Na herbeoordeling door verzekeringsarts en arbeidsdeskundige werd het verlies aan verdiencapaciteit op nihil gesteld en de uitkering ingetrokken. In bezwaar en rechtbankprocedure werd het besluit deels vernietigd vanwege onvoldoende arbeidskundige onderbouwing op dat moment.
In hoger beroep betoogde appellante dat haar belastbaarheid werd overschat en dat vanwege de ziekte van Crohn een urenbeperking op preventieve gronden noodzakelijk was. De Raad overwoog dat het medische onderzoek zorgvuldig was en dat er geen sprake was van een actief ziektebeeld of recente exacerbaties. De functionele mogelijkhedenlijst hield voldoende rekening met de beperkingen.
Ook de arbeidskundige beoordeling was voldoende onderbouwd met betrekking tot geschikte functies. De Raad zag geen aanleiding tot een ander oordeel dan de rechtbank en bevestigde het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat de medische en arbeidskundige grondslagen zorgvuldig zijn vastgesteld en geen urenbeperking gerechtvaardigd is.