ECLI:NL:CRVB:2010:BL6657
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling
Appellante, werkzaam als schoonmaakster, meldde zich ziek met rugklachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Na medisch onderzoek door verzekeringsarts Mossenen Amini en bezwaarverzekeringsarts Van de Merwe werd vastgesteld dat haar beperkingen, inclusief psychische belastbaarheid, zorgvuldig waren beoordeeld en correct in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) waren opgenomen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen juist waren vastgesteld. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de artsen onvoldoende rekening hadden gehouden met haar psychische klachten en de conclusies van psychiater Jessurun onvoldoende waren meegewogen.
De Raad overwoog dat het de taak van de verzekeringsarts is om medische gegevens te wegen en te vertalen in beperkingen en dat de FML de psychische belastbaarheid voldoende weerspiegelt. Er waren geen medische gegevens die een zwaardere beperking rechtvaardigden. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.