ECLI:NL:CRVB:2010:BL6672
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering op juiste medische grondslag
Appellante, die sinds 1986 een WAO-uitkering ontving, kreeg deze in 2005 ingetrokken vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Na bezwaar en eerdere procedures werd de mate van arbeidsongeschiktheid per 22 februari 2007 herbeoordeeld en vastgesteld tussen 15 en 25%. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, waarbij zij oordeelde dat de medische grondslag en de geschiktheid van de functies waarop de schatting was gebaseerd juist waren.
In hoger beroep voerde appellante voornamelijk medische bezwaren aan en betwistte zij de geschiktheid van de functies bij verdergaande beperkingen. De Raad overwoog echter dat appellante geen nieuwe medische gegevens had aangevoerd die het oordeel van de rechtbank konden ondermijnen. De Raad achtte de motivering van de geschiktheid van functies, waaronder die van medewerker gordijnen, ondanks algemene aard, voldoende en zag geen reden om deze functies ongeschikt te achten.
De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat het bestreden besluit op een juiste medische grondslag berust. Tevens werd geen aanleiding gezien om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 5 maart 2010.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot herziening van de WAO-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.