ECLI:NL:CRVB:2010:BL7934
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengelduitkering na zorgvuldige medische toetsing
Appellant had bezwaar gemaakt tegen de weigering van een ziekengelduitkering per 12 september 2005. De Raad van 13 augustus 2008 had het eerdere besluit vernietigd wegens onvoldoende medisch onderzoek en het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Naar aanleiding daarvan stelde de bezwaarverzekeringsarts een rapport op waarin werd geconcludeerd dat er geen verandering was in de functionele mogelijkheden van appellant ten opzichte van augustus 2002, met name wat betreft de rugbelastbaarheid. Appellants stellingen over toegenomen concentratieproblemen en verslechtering werden niet met medische gegevens onderbouwd.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep sluit zich hierbij aan. De Raad oordeelt dat het UWV op juiste wijze uitvoering heeft gegeven aan de eerdere uitspraak en bevestigt de geweigerde ziekengelduitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de ziekengelduitkering wegens onvoldoende medische onderbouwing van verslechtering.