ECLI:NL:CRVB:2010:BL8312
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens voldoende arbeidsvermogen
Appellante, werkzaam als schoonmaakster voor 20 uur per week, viel uit wegens lichamelijke en psychische klachten. Het UWV weigerde haar WIA-uitkering per 18 augustus 2007, een besluit dat door de rechtbank werd bevestigd.
In hoger beroep handhaaft appellante haar bezwaar en voert aan dat de Arbodienst haar begin 2009 nog arbeidsongeschikt verklaarde. De Raad neemt de feiten van de rechtbank over en beoordeelt de medische en arbeidskundige gronden opnieuw.
De Raad oordeelt dat de medische beperkingen juist zijn vastgesteld en dat de klachten voldoende zijn meegewogen. De arbeidsdeskundige concludeert dat appellante haar maatmanarbeid kan verrichten en dat soortgelijke arbeid met gelijke belasting en beloning op de arbeidsmarkt beschikbaar is.
De Raad ziet geen aanleiding om af te wijken van het eerdere oordeel en bevestigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er is geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens voldoende arbeidsvermogen.