ECLI:NL:CRVB:2010:BM0527
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over uitleg Samenloopbesluit kinderbijslag en onderhoudsbijdragen
Betrokkene vroeg kinderbijslag aan voor zijn dochter die sinds januari 2006 in een pleeggezin woont. De Sociale Verzekeringsbank (appellant) weigerde de kinderbijslag, omdat betrokkene onvoldoende bijdroeg in het onderhoud. De rechtbank gaf betrokkene gelijk en kende kinderbijslag toe, waarbij zij de onderhoudsbijdrage aan het LBIO als bewijs aanvaardde.
Het hoger beroep van appellant richtte zich op de uitleg van artikel 2 van Pro het Samenloopbesluit kinderbijslag en de toepassing van artikel 10 en Pro 18 van de Algemene Kinderbijslagwet (AKW). De Raad oordeelt dat de rechtbank de bepalingen onjuist heeft uitgelegd. Volgens artikel 10 AKW Pro wordt de bijdrage die betrokkene krachtens rechterlijke uitspraak moet leveren, toegerekend aan de moeder, waardoor de moeder het kind in belangrijke mate onderhoudt.
De Raad concludeert dat betrokkene de dochter niet in belangrijke mate onderhoudt en dat er geen samenloop is in de zin van artikel 18, vijfde lid, AKW. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van betrokkene ongegrond. De Raad wijst erop dat eventuele onvoorziene effecten van artikel 10 AKW Pro aan de wetgever zijn.
Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.