ECLI:NL:CRVB:2010:BM1596
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herzieningsdatum WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Breda waarin werd geoordeeld dat het UWV terecht heeft vastgesteld dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn die een herziening van de WAO-uitkering per een eerdere datum rechtvaardigen.
Appellant stelde dat zijn beperkingen al sinds mei 1999 bestonden en dat het arbeidsongeschiktheidspercentage met terugwerkende kracht per 4 oktober 2000 herzien moest worden naar 80 tot 100%. Ter onderbouwing werd medische informatie uit 2007 overgelegd.
De Centrale Raad van Beroep deelt het oordeel van de rechtbank dat deze informatie geen nieuwe feiten of omstandigheden bevat en bovendien bij het verzoek om herziening had moeten worden overgelegd. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door R.C. Stam, in aanwezigheid van griffier D.E.P.M. Bary.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat geen nieuwe feiten zijn aangevoerd voor een eerdere herzieningsdatum van de WAO-uitkering.