ECLI:NL:CRVB:2010:BM3877
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vervroegde ingang Wajong-uitkering wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant verzocht om een Wajong-uitkering met ingang van vóór de standaardtermijn van een jaar voorafgaand aan de aanvraagdatum. Het UWV had het besluit gehandhaafd dat de uitkering ingaat vanaf 21 juli 2005, en stelde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een eerdere ingang rechtvaardigen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat uit medische gegevens en eerdere dienstverbanden niet blijkt dat appellant onvermogen had om eerder een uitkering aan te vragen. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij tot circa 2005 geen inzicht had in zijn ziektebeeld, waardoor het hem niet verweten kon worden de aanvraag pas in 2006 te doen.
De Raad overwoog dat appellant vanaf 1989 had kunnen begrijpen dat hij ernstige psychische problemen had die zijn functioneren beïnvloedden. De medische verklaringen bevestigen dat hoewel ontkenning bij zijn ziektebeeld hoort, dit niet betekent dat hij onvermogen had om eerder een aanvraag te doen. De Raad ziet geen reden voor nader deskundigenonderzoek en bevestigt het oordeel van de rechtbank dat geen bijzondere omstandigheden zijn aangetoond.
Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de Wajong-uitkering ingaat op 21 juli 2005 en wijst het hoger beroep af.