ECLI:NL:CRVB:2010:BM4919
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag wegens onvoldoende klokuren onderwijs
Appellant stelde beroep in tegen de beslissing van de Sociale verzekeringsbank (Svb) om kinderbijslag te weigeren voor zijn zoon over het tweede tot en met het vierde kwartaal van 2005. De weigering was gebaseerd op het feit dat het onderwijs dat de zoon volgde niet voldeed aan de klokureneis zoals bedoeld in artikel 7, tweede lid, aanhef en sub a, van de Algemene Kinderbijslagwet (AKW).
Uit het onderzoek van het Bureau Attaché te Rabat bleek dat de zoon gemiddeld 204 klokuren onderwijs per kwartaal volgde, terwijl de AKW vereist dat een kind van 16 of 17 jaar minimaal 213 klokuren per kwartaal moet volgen om recht te hebben op kinderbijslag. De rechtbank had dit standpunt van de Svb onderschreven en de Raad sluit zich hierbij aan.
De Raad merkt op dat niet is betwist dat de zoon onderwijs volgde, maar dat het aantal uren onvoldoende was om kinderbijslag te rechtvaardigen. Het hoger beroep van appellant wordt daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van kinderbijslag wordt bevestigd.