ECLI:NL:CRVB:2010:BM5055
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAJONG-uitkering vanwege onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante verzocht om een WAJONG-uitkering met ingang van 2 juni 2004 wegens arbeidsongeschiktheid door een aangeboren afwijking, het hypermobiliteitssyndroom. Het UWV weigerde de uitkering omdat zij minder dan 25% arbeidsongeschikt werd geacht op basis van een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de medische en arbeidskundige beoordeling juist was uitgevoerd en dat de geselecteerde functies passend waren, waarbij rekening was gehouden met haar beperkingen en de mogelijkheid tot vertreden.
In hoger beroep handhaafde appellante haar standpunt dat zij volledig arbeidsongeschikt was en verwees naar een latere toekenning van een WAJONG-uitkering vanaf 31 december 2009. De Raad oordeelde dat geen nieuwe medische gegevens waren overgelegd die tot een ander oordeel konden leiden en bevestigde dat de functies passend waren en de belastbaarheid juist was vastgesteld.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep ongegrond is en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAJONG-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.