ECLI:NL:CRVB:2010:BM6579
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, die sinds februari 2006 wegens psychische klachten arbeidsongeschikt is, vroeg in oktober 2007 een WIA-uitkering aan. Het UWV besloot hem geen uitkering toe te kennen omdat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat er geen aanleiding was tot twijfel over de medische beperkingen.
In hoger beroep stelde appellant dat hij volledig arbeidsongeschikt was vanwege lichamelijke en psychische klachten en verzocht om inschakeling van een psychiater. Het UWV reageerde met een rapport van een bezwaarverzekeringsarts waarin werd gesteld dat geen nieuwe medische gegevens waren aangeleverd en dat de psychische problematiek niet was onderschat.
De Raad overwoog dat er geen aanwijzingen waren om te twijfelen aan de medische grondslag van het besluit en dat appellant zijn standpunt niet met nieuwe medische gegevens had onderbouwd. Ook zag de Raad geen reden om een nader medisch onderzoek te gelasten. De arbeidskundige beoordeling van het UWV werd onderschreven. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.