ECLI:NL:CRVB:2010:BM6584
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant, die sinds eind 1992 arbeidsongeschikt is wegens maag- en rugklachten, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering van 80-100%. Na een eerdere herziening in 2006 werd deze uitkering verlaagd naar 15-25%. Het UWV herzag dit besluit opnieuw per 22 februari 2007 en stelde de arbeidsongeschiktheid vast op 65-80%. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze herziening ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het medisch onderzoek niet zorgvuldig was en dat het verschil met de eerdere beoordeling te groot was. De Raad oordeelde echter dat het medisch onderzoek door verzekeringsartsen zorgvuldig was uitgevoerd en het oordeel juist was. De Raad vond dat appellant met zijn beperkingen medisch gezien in staat was de geselecteerde functies te vervullen en dat de signaleringen over mogelijke overschrijding van de belastbaarheid voldoende waren toegelicht.
De Raad wees ook op de arbeidskundige reductiefactoren die waren toegepast bij de herziening. Omdat appellant geen nieuwe medische informatie had overgelegd en zelf afzag van nader onderzoek, faalde het hoger beroep. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 65-80% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd na zorgvuldig medisch onderzoek.