ECLI:NL:CRVB:2010:BM6791
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking WAO-uitkering en toewijzing proceskostenveroordeling
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering, gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, per 26 oktober 2008 in te trekken. Dit bezwaar werd ongegrond verklaard, waarna appellante in beroep ging bij de rechtbank Rotterdam. De rechtbank wees het beroep af. In hoger beroep heeft het UWV alsnog het bezwaar van appellante gegrond verklaard en de uitkering gehandhaafd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV volledig aan appellante tegemoet is gekomen door het besluit van 30 maart 2010, waardoor het beroep tegen dat besluit niet meer relevant is. Wel blijft appellante belang houden bij het hoger beroep vanwege haar verzoek om schadevergoeding.
De Raad vernietigt de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit voor zover het de intrekking van de WAO-uitkering betreft, en wijst het verzoek om toepassing van wettelijke rente toe. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten van appellante, inclusief vergoeding van griffierechten, maar wijst de kosten van een psychologisch rapport af.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.