ECLI:NL:CRVB:2010:BM6952
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering TRI-uitkering na herziening WAO-uitkering
Appellante ontving aanvankelijk een WAO-uitkering op basis van 45-55% arbeidsongeschiktheid. Het UWV trok deze uitkering per 30 november 2006 in, waarna appellante recht kreeg op een TRI-tegemoetkoming. Later werd de WAO-uitkering herzien en toegekend op basis van 55-65%, waardoor appellante niet langer aan de voorwaarden voor de TRI-tegemoetkoming voldeed.
Het UWV besloot dat het voorschot op de TRI-uitkering ten onrechte was betaald en dit bedrag moest worden verrekend met de nabetaling van de WAO-uitkering. Appellante maakte bezwaar en stelde dat zij hierdoor schade had geleden, maar de rechtbank en de Raad oordeelden dat de schade niet door het TRI-besluit werd veroorzaakt, maar door de onjuiste intrekking van de WAO-uitkering.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, maar de Raad zag geen reden om het oordeel van de rechtbank te wijzigen. De Raad wees erop dat appellante geen zelfstandig schadeverzoek had ingediend en dat de verrekening geen onaanvaardbare gevolgen had. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de terugvordering van de TRI-uitkering wordt bevestigd.